De rente op de Japanse benchmarkstaatslening is opgelopen tot 3%, een nieuw niveau in een bredere wereldwijde verkoopgolf op de obligatiemarkt. Tegelijkertijd becijfert RaboResearch dat de Nederlandse overheid in de komende negen jaar opgeteld circa €17 miljard extra kwijt is aan rente op geleend geld.
Japanse rente bereikt nieuw niveau
De stijging van het rendement op Japanse staatsleningen valt samen met dalende obligatiekoersen wereldwijd. Voor overheden is die ontwikkeling direct van belang: hogere marktrentes maken nieuwe leningen en de herfinanciering van aflopende schuld duurder.
De Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent heeft volgens de Financial Times aangegeven te verwachten dat de Bank of Japan de rente binnenkort verhoogt. Daarmee krijgt de markt een extra signaal dat de periode van uitzonderlijk lage Japanse rentes verder onder druk staat. Een hogere beleidsrente werkt door in de financieringsvoorwaarden voor de Japanse overheid, bedrijven en huishoudens.
Rentelasten Nederlandse staat lopen op
Ook Nederland ondervindt de gevolgen van hogere internationale kapitaalmarktrentes. Grote geldschieters beschouwen Nederlandse staatsleningen relatief nog altijd als een veilige belegging, maar de rente die de Staat betaalt loopt desondanks op.
Nederland betaalde vorig jaar €8,5 miljard rente over geld dat op de kapitaalmarkten was geleend. Het ministerie van Financiën verwacht dat de rentelasten in 2031 stijgen naar circa €16 miljard.
RaboResearch maakte op verzoek van de NOS een berekening van de gevolgen voor de staatsschuld en de rentebetalingen. Bij de rentes van vóór het uitbreken van de oorlog rond de Perzische Golf zouden de Nederlandse rentelasten in 2035 uitkomen op circa €27 miljard per jaar. Door de daaropvolgende rentestijgingen op de internationale kapitaalmarkten betaalt Nederland in de komende negen jaar naar schatting €17 miljard extra rente.
De grens van 3% in Japan en de oplopende Nederlandse rekening laten dezelfde marktdynamiek zien. Wanneer beleggers een hoger rendement verlangen op staatsleningen, nemen de begrotingsuitgaven aan rente toe, ook voor landen met een relatief sterke kredietwaardigheid.
