De Nederlandse AI-fabriek krijgt een supercomputer op de campus van de Rijksuniversiteit Groningen. De installatie moet de Nederlandse kenniseconomie versterken en de afhankelijkheid van buitenlandse AI-bedrijven verkleinen. De oplevering staat gepland voor de loop van 2027. Naar verwachting is de computer vanaf 2028 beschikbaar.
Gedeelde infrastructuur voor AI-ontwikkeling
Op termijn kunnen verschillende organisaties de Groningse computer gebruiken om AI-toepassingen te ontwikkelen en te testen. Daarmee komt rekeninfrastructuur beschikbaar voor werk dat veel capaciteit vraagt, zoals het trainen van zware AI-algoritmen.
Een supercomputer bestaat uit een groot aantal krachtige processoren die gezamenlijk complexe berekeningen uitvoeren. Die rekencapaciteit is bedoeld voor taken die voor een gewone computer te omvangrijk zijn. Supercomputers worden onder meer ingezet voor weersvoorspellingen, wetenschappelijk onderzoek en het controleren van kernreactoren.
De internationale concurrentie op dit terrein is aanzienlijk. De drie krachtigste supercomputers staan in de Verenigde Staten. Duitsland presenteerde vorig jaar Jupiter als de krachtigste supercomputer van Europa. Die machine kan vele honderden biljaarden berekeningen per seconde uitvoeren.
Toegang tot digitale infrastructuur
De Groningse investering valt samen met een conflict over toegang tot een groot digitaal platform. Amazon heeft Meta's AI-agent Muse geblokkeerd van Amazon.com. Amazon beschikt zelf over een reeks foundation models, basismodellen waarop AI-toepassingen kunnen worden gebouwd, en over een van de populairste inferenceplatforms op internet.
Inference betreft het gebruik van een getraind model om nieuwe antwoorden, voorspellingen of andere uitvoer te genereren. Volgens TechCrunch rust op Amazon geen wettelijke verplichting om Muse toegang te geven.
De twee ontwikkelingen hebben een verschillend karakter. De blokkade betreft toegang tot Amazon.com, terwijl de supercomputer in Groningen wordt ingericht voor organisaties die AI willen ontwikkelen en testen. Samen onderstrepen zij wel dat rekenkracht, modellen en digitale platforms bepalende onderdelen zijn van de AI-keten. De Nederlandse AI-fabriek moet op dat vlak eigen capaciteit toevoegen.
