Meta moet in de Amerikaanse staat New Mexico 25 miljard dollar betalen wegens misleidende uitspraken over de toegang tot gebruikersgegevens. Tegelijk bereidt het moederbedrijf van Facebook volgens de Financial Times een nieuwe aandelenklasse zonder stemrecht voor. Die structuur moet ruimte maken voor financiering van AI-investeringen zonder dat de zeggenschap van Mark Zuckerberg afneemt.
New Mexico bestraft misleiding over data
De uitspraak in New Mexico volgt op een zaak rond Cambridge Analytica. Het databedrijf gebruikte via Facebook gegevens van tientallen miljoenen gebruikers om president Trump te helpen bij de verkiezingen van 2016. Met die informatie konden gerichte advertenties worden getoond aan Amerikaanse kiezers.
Volgens de zaak wist Facebook dat derden toegang konden krijgen tot gebruikersgegevens, terwijl het bedrijf dat ontkende. Het sociale netwerk ondernam volgens de uitspraak nauwelijks actie, ondanks die wetenschap. Cambridge Analytica stopte in 2018 na het schandaal.
New Mexico spande jaren later een procedure aan tegen Facebook. Een jury oordeelde in september dat Meta misleidende beweringen had gedaan over de toegang tot gebruikersgegevens. Het concern maakte zich daarbij meer dan 43 miljoen keer schuldig aan overtredingen van de consumentenwetgeving in New Mexico.
AI-financiering zonder verlies van zeggenschap
De beoogde aandelenklasse zonder stemrecht raakt een ander financieel vraagstuk. Meta zou daarmee aandelen kunnen verkopen om investeringen in AI te financieren, zonder dat Zuckerberg minder controle krijgt over het bedrijf.
De twee dossiers leggen de spanning bloot tussen de financiële gevolgen van Meta's eerdere omgang met persoonsgegevens en de financiering van nieuwe technologie. De betaling in New Mexico vloeit voort uit een privacyzaak rond Facebook. De mogelijke wijziging in de kapitaalstructuur is gericht op toekomstige AI-uitgaven, met behoud van de bestaande zeggenschapsverhoudingen.
